Home Organisatie Monumenten Activiteiten Terugblik Weblinks Contact Zoeken
 



6. Cafés, Herbergen en Tapperijen
Zuidhorn was een knooppunt van routes, wegen en vaarwegen. En vanaf 1866 kwam ook de trein erlangs. Langs al die routes stonden herbergen en tapperijen.
Herbergen hadden een ruime gelagkamer. Dikwijls kregen zij rond het midden van de 19e eeuw, toen de boeren welvarender werden, een bovenzaal. Daar kwamen de rijke boeren bij elkaar. Ook de rederijkers hielden er hun bijeenkomsten. Veel herbergen hadden een doorrit waar paard en wagen naar binnen konden rijden. De passagiers konden er beschut uitstappen en de paarden werden er gestald. Het woord doorrit werd op verschillende manieren gespeld.

De tapperijen waren meestal niet meer dan huiskamertjes met een paar tafeltjes en stoelen. Dikwijls waren de eigenaren ook sluiswachter, tolmeester of scheepsjager. Deze functies waren geen vetpot en het drijven van een tapperij of café was dan ook een welkome aanvulling op het inkomen. Zo was het tolhuis bij het Noordhorner tolhek tevens herberg, winkel en paardenstal. Later was de eigenaar ook scheepsjager terwijl zijn vrouw het café dreef. Ook bij het Hamster tolhek stond een tapperij.

Marskramers, die tot ver in de 19e eeuw langs kwamen, sliepen dikwijls in het hooi in de schuur achter de herberg evenals schippers en scheepsjagers.
Caféhouders organiseerden ook voorstellingen om klanten te trekken. Ze haalden goochelaars en zangers van buiten en lieten die in de kroeg optreden.
Rondom de herbergen vonden de kermissen plaats. In Zuidhorn kwam de kermis de laatste week van juni als de grote vakantie begon. De verschillende kermisattracties stonden in de Hoofdstraat rond het Gemeentehuis en hotel Addens. De meeste kermisklanten kwamen per schip en legden aan aan het eind van de Schipsloot. Een enkele kwam per trein. Zondags was de draverij en ’s avonds was er dansen bij Addens.

Veel tapperijen en cafés zijn verdwenen. Maar enkele oude herbergen hebben ook nu nog een horecafunctie. Anderen hebben inmiddels een andere functie gekregen. Er zijn ook enkele rijksmonumenten, die juist nu een horecafunctie gekregen hebben.

In Zuidhorn staat aan de Hoofdstraat “Hotel In ’t Holt” (zie ook blz 3).
Maar er waren vroeger nog veel meer herbergen en cafés in het centrum van het dorp. Even verderop in de Hoofdstraat was “café Centraal” van Lijferink. Het pand is verdwenen. Nog een stukje verder aan wat toen de Hereweg heette stond de herberg “De nieuwe aanleg”. Later bouwde de familie Bindervoet hier villa Eiberhof. In 1971 werd de villa afgebroken. Tegenover het station was het stationskoffiehuis Welgelegen. Het was café, hotel en tevens stalhouderij. Hier kwamen de boeren uit de omgeving aan, stalden hun paarden en rijtuigen om vervolgens per trein verder te gaan. In het pand is nu een architectenbureau gevestigd.

Het Oude Raadhuis (Hoofdstraat 4) was oorspronkelijk het gemeentehuis van Zuidhorn. Het werd in 1916 gebouwd door de architect Klaas Siekman. Het gebouw in gotische stijl is geïnspireerd op de hoofdwacht, die vroeger tegen de Martinikerk in Groningen stond.
Na de gemeentelijke herindeling in 1990 is er een nieuw gemeentehuis gebouwd. Het Oude Raadhuis is nu een rijksmonument. Er is een bistro in gevestigd.

Herberg Onder de Linden, Burg. Barneveldweg 3, Aduard.
De geschiedenis van de herberg gaat terug tot 1735. Er is sprake van “de herberg buiten Noorderpoorte aan die wegh”. De fundering bestaat geheel uit kloostermoppen doordat deze grote stenen na de verwoesting van het klooster ruimschoots voorhanden waren. Tot de Friesestraatweg werd aangelegd was de herberg de eerste pleisterplaats op de weg van Groningen naar Leeuwarden. Lange tijd was de eigenaar naast kastelein ook boer. In de 20e eeuw werd het pand vooral dorpscafé met Wiert Meijer als kastelein. Nu is er een restaurant in gevestigd met een Michelin ster.

Het Rechthuis, Burg. Seinenstraat 3, Aduard.
Het Rechthuis werd gebouwd kort na 1600 toen het Cisterciënzer klooster definitief uit Aduard verdween. Zo’n 200 jaar werd er recht gesproken. Al die tijd was er ook een herberg in gevestigd, een niet ongebruikelijke combinatie. Bovendien was vanaf 1795 tot 1902 in de herberg het gemeentehuis van Aduard. Vanaf 1840 was de caféhouder ook bakker. Vanaf 1970 had de huisdokter er zijn praktijk. In 2002 is het pand eigendom van de Stichting Zuiderpoort geworden. Het wordt grondig gerestaureerd. Nu wordt het gebruikt voor exposities en vergaderingen.
Op Open Monumentendag kunt u binnen de expositie bekijken.


Piloersemaborg, Sietse Veldstraweg 25, Den Ham.
De Piloersema- of Hamsterborg (1633) werd aanvankelijk bewoond door de jonkersfamilie De Mepsche. Later kwam het huis in bezit van achtereenvolgens de families Bos en Wierenga. Bos bouwde in 1700 een grote schuur aan het huis en sindsdien is 'Piloersema' een boerderij. Het huis ademt de sfeer van een statige boerenbehuizing uit de 19e eeuw. Het is met boerenantiek ingericht. In de borg is nu een restaurant en een bed & breakfast gevestigd. Rondom de borg ligt een gracht. In de boomgaard is een theehuis. In de schuur is een mooie expositieruimte gemaakt.
Tijdens Open Monumentendag is de borg voor het publiek geopend van 11 uur tot 16 uur. In de expositieruimte is een tentoonstelling van creatieve inwoners uit Aduard, Den Horn en Den Ham.


Eisseshof, Kerkstraat 4, Niehove.
De Eisseshof stamt uit de 17e eeuw. Vroeger werd het cafébedrijf gecombineerd met een kruidenierswinkel, een timmerbedrijf en een boerderij. Het had aanvankelijk alleen een benedenverdieping. Aan het eind van de 19e eeuw werd er voor de rijke boeren een bovenzaal gebouwd. Naast het café bevindt zich de doorrit.
In de Eisseshof is nu een restaurant, maar het wordt ook nog steeds als café en dorpshuis gebruikt.
U kunt er rustig even binnen lopen.